Medenzeggenschapsraad

De medezeggenschapsraad (MR) is het wettelijke orgaan voor inspraak en medebestuur in het onderwijs. Elke school moet een MR hebben. De Wet Medezeggenschap Onderwijs regelt de samenstelling, taken en bevoegdheden van de raad. Het eigen MR-reglement stelt nadere regels. De school kent een evenredig aantal MR leden. Bij ons zijn dat er zes, drie ouders en drie personeelsleden. De oudergeleding van de MR worden middels formele verkiezingen gekozen voor een periode van twee jaar.
 
De taken van de MR
Besluiten die de directie en/of het bestuur wil nemen, worden voorgelegd aan de medezeggenschapsraad. Op zijn beurt kan de medezeggenschapsraad elk standpunt dat zij heeft te allen tijde kenbaar maken aan de directie of het bestuur.
De medezeggenschapsraad overlegt met de directie en het schoolbestuur over onderwerpen zoals:
    • verbetering van het onderwijs het kiezen van leermethodes
    • personeelsbezetting (vacatures, stageplaatsen, groepsformatie)
    • het schoolplan
    • het ondersteuningsprofiel
    • de besteding van geld en gebouwen
    • het vaststellen van vakanties en vrije dagen
    • communicatie en betrokkenheid naar ouders
    • individuele leerlingenbegeleiding en -zorg
    • veiligheid (in en rond de school)

    De bevoegdheden van de MR

    De Wet Medezeggenschap Onderwijs (WMO) onderscheidt een drie algemene rechten voor de MR:

    Informatierecht
    Het informatierecht houdt in dat het bevoegd gezag (bestuur, bovenschools management en directie) de MR alle inlichtingen, die hij/zij voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijze nodig heeft, tijdig verstrekt. Het bevoegd gezag moet dit ongevraagd doen, maar moet ook op verzoeken van de MR ingaan.

    Recht op overleg
    Het recht op overleg houdt in dat de MR ten minste twee keer per jaar door het bevoegd gezag in de gelegenheid wordt gesteld de algemene gang van zaken in de school te bespreken. Het bevoegd gezag en de MR komen ook bijeen indien dit door een van de partijen, met opgaaf van rede, wordt verzocht.

    Initiatiefrecht
    Het initiatiefrecht betekent dat de MR bevoegd is tot bespreking van alle aangelegenheden die de school betreffen. Bovendien mag de MR daarover aan het bevoegd gezag voorstellen doen en standpunten kenbaar maken.

    Daarnaast heeft de MR de volgende bijzondere bevoegdheden:

    Instemmingsrecht
    Het instemmingsrecht wil zeggen dat voor bepaalde in het reglement van de MR genoemde besluiten het bevoegd gezag vooraf de instemming van de MR nodig heeft. Het bevoegd gezag mag het besluit niet uitvoeren als deze instemming ontbreekt.

    Adviesrecht
    Bij het adviesrecht gaat het erom dat bij een aantal in het reglement vastgelegde aangelegenheden het bevoegd gezag advies moet vragen aan de MR. Bijvoorbeeld over fusieplannen of over het aanstellen van een nieuwe directeur. Het bevoegd gezag mag een advies beargumenteerd naast zich neerleggen.

    Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad
    Naast de medezeggenschapsraad heeft het bestuur van de ASKO een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR).
    In deze GMR hebben leden van verschillende medezeggenschapsraden van ASKO-scholen zitting. Deze raad vergadert direct met het bestuur van de stichting. Zij adviseert bijvoorbeeld over ict, arbobeleid of tussenschoolse opvang.
     
    Met ingang van 1 januari 2007 is de wet medezeggenschap onderwijs veranderd in de wet medezeggenschap scholen. De nieuwe wet heeft aan de gmr grotere bevoegdheden gegeven. Voorheen delegeerden individuele raden onderwerpen aan de GMR. Nu zijn alle onderwerpen in de GMR bespreekbaar.
     
    Wanneer vergadert de MR
    De MR vergadert ongeveer 1 keer per kwartaal. De directie is altijd beschikbaar om bij een vergadering aanwezig te zijn. De vergaderingen zijn openbaar voor ouders en leerkrachten. Er is een globale jaarplanning beschikbaar. Voor iedere ouder en leerkracht bestaat de mogelijkheid om naar leden van de MR te stappen of een e-mail te sturen.