Visie

​​​Wij zijn als Katholieke school een bijzondere school, wat wil zeggen dat wij een school zijn met waarden en normen die corresponderen met de katholieke traditie. Hier gaat het over de mens (het kind), die zich ontplooit door en met andere mensen. Mens-zijn (kind- zijn) is altijd medemens-zijn. Hierin dienen wij verantwoordelijkheid te nemen en naastenliefde te betrachten.  ​

Bijzonder willen we ook zijn in ons omgaan met de kinderen en elkaar. Wij willen de kinderen een fijne schooltijd geven, waar ze naast heel veel bruikbare leerstof ook hebben leren omgaan met elkaar en respect tonen voor de medemens. 

We zijn ook bijzonder in ons onderwijs. In het kort komt het erop neer dat wij vanuit een overwegend klassikale les- en leersituatie de kinderen kwalitatief hoogstaand en modern onderwijs bieden. Daarbij houden we rekening met ieders capaciteiten en mogelijkheden. 

In de eerste twee groepen ligt het accent op het leren ontdekken, spelend verkennen en onderzoeken, het leren van veel basisvaardigheden, de sociaal-emotionele ontwikkeling en de motorische ontwikkeling. De beginnende geletterdheid van kinderen wordt dagelijks gestimuleerd. Vanaf groep 3 wordt het accent meer gelegd op de cognitieve ontwikkeling. 

Naast het “leren” wordt er ook aandacht besteed aan expressie, beweging, spel, drama, samenwerken en samenspelen. 

In ons schoolplan hebben wij de kern- en einddoelen van onze school beschreven. Wij willen met onze kinderen deze doelen bereiken. Voor ieder leerjaar zijn streefdoelen geformuleerd voor die specifieke groep. Iedere leerkracht probeert die streefdoelen zo goed mogelijk te realiseren. 

Middels proefwerken en toetsen controleren we of de leerlingen de stof beheersen. Ook gebruiken wij landelijk genormeerde toetsen om te controleren of de kinderen ten opzichte van deze norm goede of minder goede resultaten behalen. Wij doen dit door middel van het CITO-Leerlingvolgsysteem. ( zie verder hoofdstuk 6.2) 
Sommige kinderen hebben om wat voor reden dan ook een achterstand of een voorsprong op andere kinderen. Deze kinderen kunnen, tijdens of na de normale leerstof, een aangepast programma krijgen, toegesneden op hun eigen situatie. 

Niet ieder kind zal kans zien de streefdoelen te halen. Wij streven er wel naar het maximaal bereikbare resultaat te behalen. Kinderen die deze doelen niet halen of voorbij streven vallen onder de paraplu van de zorgverbreding, waarover u meer leest in hoofdstuk 6.2 en 6.3.  

Wij houden ook rekening met afspraken binnen het kader van Weer Samen Naar School (WSNS). Een van de doelstellingen van WSNS is steeds meer kinderen, die wegens gedrags- en/of leerproblemen naar het speciaal onderwijs zouden moeten gaan, op de basisschool te houden.  

In voorkomende gevallen kunnen kinderen met leer- en/ of ontwikkelingsachterstanden een zgn. rugzakje krijgen. Hierdoor is de school beter in staat om deze leerlingen in hun ontwikkeling te begeleiden. Het rugzakje bestaat meestal uit een geldbedrag voor personele inzet (RT, IB of onderwijsassistent) en geld om speciale leermiddelen aan te schaffen. De aanvraag geschiedt in overleg tussen ouders/ verzorgers en de school.