• Verdieping
Actualiteiten in de wereld van kinderen

​​​​​​'Dat wat de wereld draagt, is de ziel van kinderen die naar school gaan’ (Talmoed)

 
Als mens houden we ons dagelijks bezig met actualiteiten in Nederland en de rest van de wereld. Zoals de aanslagen in Parijs van afgelopen januari. Het journaal en de kranten zijn in eerste instantie media waardoor wij ons laten informeren over deze actualiteiten. Door ontwikkelingen als globalisering en digitalisering gaat het nog een stap verder. We krijgen van over de hele wereld nieuws op verschillende manieren binnen; via filmpjes, Twitter, Instagram en Facebook.
 
Deze berichten komen ook bij kinderen terecht. Maar hoe breng je nu een ingrijpende actualiteit als de aanslagen van Parijs in de klas? In Nederland is er veel aandacht voor hoe je dit in het onderwijs kunt behandelen. Er zijn verschillende berichten in de kranten over verschenen en het ABC-onderwijsbegeleidingsdienst heeft zelfs een avond georganiseerd waarop onderwijsprofessionals hun verhaal konden delen ‘Je suis Charlie in de klas’. Maar wij zijn benieuwd: hoe pakt een leerkracht van een ASKO-school dit aan? Welke vragen leven er bij de kinderen op ASKO-scholen?
 
Actualiteiten op onze ASKO scholen
Een rondvraag bij enkele leerkrachten op verschillende ASKO-scholen leert dat in ieder geval bij de meeste bovenbouw leerkrachten het bespreken van actualiteiten een vast onderdeel van het dag- en/of weekprogramma is. Als aanleiding maakt men gebruik van het Jeugdjournaal en ‘Nieuwsbegrip’, een aanpak waarbij leerlingen vanaf groep 4 teksten lezen over een actueel onderwerp.
 
Maar ook in de onderbouw wordt het bespreken van actualiteiten aangegaan: “Ja, ik bespreek de grote dingen die in de wereld spelen wel. Maar meestal wacht ik totdat er een kind over begint. Dan probeer ik de fantasie en beleving even in goede banen te leiden. Zodat het verhaal niet een eigen leven gaat leiden”, vertelt Sarah, leerkracht in de onderbouw.
 
Moeilijke onderwerpen bespreekbaar maken
Dit is een goede aanpak. Masal Pas Bagdadi, een Italiaanse psychoanalyticus, heeft veel ervaring in het werken met kinderen en het bespreekbaar maken van moeilijke onderwerpen zoals angst, dood en oorlog. Ze heeft er een boek over geschreven ‘Ze hebben mijn sprookjes vermoord. Hoe praat ik met mijn kinderen over oorlog en terrorisme’ (2004). Zij raadt aan dat volwassenen met nieuwsgierigheid en liefde de gedachtegang van kinderen volgen. Kinderen zijn zelf heel goed in staat om zelfstandig complexe gebeurtenissen te verwoorden of eigen ideeën te formuleren. Als je ze zelf aan het woord laat, kun je goed begrijpen wat kinderen op dat moment aan kunnen en kunnen verwerken.
 
Vragen van kinderen
Wat gebeurt er nu als je kinderen inderdaad aan het woord laat? Met welke vragen komen ze? Het blijkt erg verschillend. In sommige klassen trekken de leerlingen zich de gebeurtenissen wel aan, maar zijn er niet echt vragen. In andere klassen hebben de kinderen juist gedetailleerde vragen, zoals welke wapens er werden gebruikt. In weer andere klassen is er wel degelijk sprake van vragen over angst (zie kader- juf Iris Mens). In de onderbouw zijn de vragen ook praktisch van aard: hoe wisten ze dan waar het gebouw van die krant was? Moeten de mensen die bij de krant werken dan niet ook een pistool hebben om terug te schieten?
 
Dit zijn heel normale vragen voor jonge kinderen. Maar wat geef je als antwoord? De bovenbouw leerkracht van de Willibrordschool vertelt de kinderen dat ze niet overal een antwoord op heeft. “We kunnen er over praten in de klas. Het is zeker niet iets waarvoor we weg moeten lopen”.
 
Belangrijk is om in zo’n gesprek aan te sluiten bij de belevingswereld van de kinderen door feiten te benoemen. De beelden van kinderen zijn soms fantasierijker dan de ergste feiten. En kinderen geruststellen is een belangrijk onderdeel van een gesprek, zegt Riet Fiddelaers, deskundig op het gebied van rouw en verlies.
 
Terwijl de ene leerkracht het een uitdaging vindt om iets te vertellen gaat de ander het toch liever uit de weg. Als leerkracht loop je in dit soort gesprekken over actualiteiten wel eens ergens tegen aan.
 
“Je wilt kinderen niet angstig maken”.
 
“Islam blijft moeilijk. Kinderen kunnen zich persoonlijk aangesproken voelen.”
 
“Of het wel mijn taak is om dit uit te leggen. Of ouders het misschien anders zouden vertellen. Maar ook zijn kinderen toe aan het nieuws uit de wereld? En in hoeverre gaat hun beleving niet veel verder dan wenselijk is?”
 
Deskundigen zien het wel degelijk als een taak van het onderwijs om gesprekken over actuele kwesties aan te gaan. En niet alleen als er zich daadwerkelijk iets groots voordoet, maar al eerder zodat kinderen om kunnen gaan met moeilijke situaties in de samenleving.
 
“Soms is het moeilijk voor de leerlingen om een afwijkende mening te hebben en daarvoor uit te komen. Ik probeer daarvoor ruimte te geven”, vertelt Gertrude van de Lidwinaschool.
 
En leerkracht Jolanda van de Willibrordschool filosofeert met haar leerlingen uit groep 7 over grote vragen in de samenleving. Ben je goed voor de aarde? Wat is vrijheid van meningsuiting? Ze vindt het geweldig om het gesprek met de kinderen hierover aan te gaan en de kinderen ook: “Juf, gaan we filosoferen? We willen het over het leven hebben…” Omdat de kinderen gewend zijn om op deze manier het gesprek aan te gaan is Jolanda ook na 7 januari jl. de klas ingegaan met een vraag: “Voel jij je veilig? Wat is veiligheid?” De kinderen onderzochten waar zij zich veilig voelden; thuis, in de wijk, in Nederland, in de wereld. De meeste kinderen voelden zich thuis wel veilig, soms niet als ze alleen thuis waren ‘s avonds. Of ze zich veilig voelden in de wereld? Daar was het merendeel nog niet over uit.
 
Als leerkracht ben je in principe competent genoeg om het gesprek aan te gaan. De ASKO-leerkrachten in dit artikel hebben het aangedurfd. Desgevraagd geven ze ook wat tips.
 
 “Vaak hoef ik niet veel toe te voegen als ik de kinderen laat praten. Iedereen weet namelijk wel een stukje van het verhaal. Van thuis. Dan weet ik meestal ook vanuit welk standpunt ik kan vertellen. En ik probeer het zo open mogelijk te houden, een eigen mening te laten vormen.” Sarah, St. Jozef
 
 “Open benadering. Laat de mensen hun verhaal doen. Laat ze beseffen wat vrijheid van meningsuiting betekent. Niet alleen alles zeggen wat je denkt, maar ook je mond eens houden.” Rob, Satelliet
 
“Ik denk dat openheid belangrijk is en ook dat je zelf probeert te zeggen wat je ergens van vindt, daarbij in het oog houdend dat jij ook maar een mening verkondigt en niet de waarheid.” Gertrude, Lidwina
 
 
Juf, wat in Parijs is gebeurd, met die mensen die zijn vermoord, kan dat ook hier?
Wereldnieuws komt de klas binnen. Op school wordt iedere dag naar het jeugdjournaal gekeken. Soms raakt het de kinderen zo sterk, dat extra aandacht nodig is om dit nieuws een plek te geven en angst weg te nemen.
 
In groep 8 maak ik hiervoor gebruik van het kringgesprek. Ik laat aan de kinderen over wat zij daarover willen bespreken. De vragen die zij stellen zijn niet zoveel verschillend van die van volwassenen, met uitzondering misschien van de angst die zij uitspreken. Juf, waarom doen mensen dat? Mensen vermoorden dat mag toch helemaal niet van de Koran? Kan dit ook in Amsterdam gebeuren? Gaan mensen ons nu haten? Gaat er nu hetzelfde gebeuren met de islamitische kinderen als met de Joden tijden de 2e wereldoorlog?

Het zijn lastige vragen en ik probeer duidelijk te maken dat het een kleine groep mensen is die gewelddadig is. Ik probeer enige context mee te geven. Ik verwijs naar onze geschiedenislessen. Er zijn in de wereld tal van conflicten geweest waarbij het geloof een rol speelde. Soms op de voorgrond, soms op de achtergrond. Ik probeer de vrees bij de kinderen voor oorlog weg te nemen. Nederland is een vrij land. Natuurlijk, we zijn het niet altijd eens onder elkaar, maar  we vinden een weg om die verschillen van mening uit te praten. Ook in Nederland lukt dat niet altijd en is er af en toe een incident. Soms is er in Nederland terreurdreiging, vandaar dat onze regering extra goed oplet en mensen of gebouwen beveiligt.

Ik probeer sterk het gevoel van “samen” bij de kinderen naar voren te brengen, wetende dat dit soort terreur mede gericht is op het scheppen van verdeeldheid. Na het kringgesprek volgt een groepsknuffel. Wij vinden het allemaal verschrikkelijk wat er is gebeurd.

 Iris, leerkracht groep 8 Antoniusschool 
 
Tips Masal Pas Bagdadi:    
  • Het is goed om kinderen te laten tekenen. Die manier is ze op het lijf geschreven. Het lijkt dat kinderen zich, als bij toverslag, na het tekenen opgelucht voelen en dat hun angsten verdwijnen.
  • Spelen van oorlogje lijkt soms wreed, maar helpt in werkelijkheid kinderen. Ze kunnen dan dubbele gevoelens die ze van binnen ervaren uiten.
  • Maak het conflict concreet, door aan te wijzen op een kaart waar het is en wat meer informatie te geven.
  • Vermijd beelden van wreedheid. Indien ze het wel zien, discussieer over hun indrukken.
  • Stel kinderen gerust, blijf wel reëel, maar vertel ook dat er voor elk gevaar een oplossing is: voor bommen schuilkelders, voor ziekten vaccinaties. In Nederland een verhoogde staat van paraatheid van politie en militairen.
Met dank aan: Iris Mens van de Antoniusschool, Rob Laurens van De Satelliet, Jolanda Derringa van de Willibrordschool, Sarah den Ouden van de St. Jozefschool en Gertrude Arends van de St. Lidwinaschool.
 
Kijk voor meer informatie en lestips ‘Na de aanslag in Parijs’ op Vreedzame School via de link hiernaast.    
 
Foto's (van boven naar onderen):​
Foto 2: France info, foto 3: filosoferen met kinderen St. Augustinusschool, foto 4: filosoferen met kinderen les over Bhoeddisme op de Jozefschool Weesp